Recente onderzoeken: Jongeren en Maatschappelijk verantwoord ondernemen

Persbericht 30 september 2009

Jongeren 2009: Maatschappelijk verantwoord ondernemen is relatief onbekend.

Jongeren van 12-29 jaar zijn, zo blijkt uit Jongeren 2009, niet erg bekend met het begrip ‘maatschappelijk verantwoord ondernemen'. Maar 34% heeft er wel eens iets over gehoord. Onder de groep van 20-29 jaar ligt dat wel wat hoger, maar nog altijd onder de 50%.

Jongeren vinden het, als het idee achter MVO is toegelicht, wel belangrijk dat bedrijven op een maatschappelijk verantwoorde manier te werk gaan. Ruim 80% vindt dat belangrijk of zelfs heel erg belangrijk. 20% vindt het niet belangrijk, waaronder relatief veel jongens.

Het belangrijkste onderwerp, waar bedrijven op moeten letten, is volgens de deelnemers aan Jongeren 2009 dat producten niet door kinderen worden gemaakt. Wat aanzienlijk minder aanspreekt is dat bedrijven een goed doel steunen en daarmee hun verplichtingen min of meer ‘afkopen'.

Veel jongeren zijn niet in staat om te beoordelen of bedrijven in Nederland hier ook op een goede manier mee bezig zijn. Bijna 50% weet dat niet. Van de andere (ruime) helft zegt 25% dat bedrijven genoeg doen en 29% dat ze te weinig doen.

Als het om het aanschaffen van ‘verantwoorde' producten gaat, dan blijkt dat jongeren dat soort producten best willen kopen, als ze even goed en niet duurder zijn dan vergelijkbare producten. 10% koopt dit soort producten regelmatig. Nog eens 38% koopt dit soort producten af en toe. Populair zijn scharreleieren, spaarlampen en apparaten met een laag energiegebruik.

 

 

PERSBERICHT, Amsterdam 13 mei 2009

Qrius en Habbo brengen kwalitatief onderzoek naar de virtuele wereld

Marktonderzoeksbureau Qrius en tienerplatform Habbo hebben de handen ineengeslagen en gaan structureel samenwerken op het gebied van kwalitatief en kwantitatief onderzoek binnen de onder jongeren immens populaire community.

De samenwerking tussen Qrius en Habbo richten zich op enerzijds snel en representatief kwalitatief onderzoek. De klant kan zijn / haar resultaten binnen 2 dagen terugverwachten, En anderzijds toegankelijk kwalitatief virtueel onderzoek.

Mark Stockx, Country Manager van Habbo Nederland en België: "Habbo is al 5 jaar het meest toonaangevende en consistent presterende jongerenplatform van Nederland. Onze gebruikersgroep is zeer actief en daarom erg geschikt voor zowel kwalitatief als kwantitatief onderzoek. We zijn blij dat we in Qrius een partner hebben gevonden die de voordelen van onderzoek binnen een virtuele omgeving wil benutten en zo de behoefte van de deze doelgroep nog inzichtelijker te maken."

Herman Berndt projectleider bij Qrius: "We zijn bij Qrius continue bezig met het in kaart brengen van de (be-)leefwereld van kids en jongeren. Ons enthousiasme over onze samenwerking met Habbo is daarom ook groot. Door onze kennis en expertise met elkaar te delen zijn we nu in staat om ook de virtuele (be-)leefwereld van kids en jongeren beter in kaart brengen. Een logische stap als je bedenkt dat 99% van de jongeren wekelijks ruim 8 uur van hun vrije tijd doorbrengen op het internet."

Primeur online kwalitatief onderzoek.
Met het lanceren van kwalitatief onderzoek binnen een virtuele wereld hebben Habbo & Qrius een primeur in handen. Voor het eerst worden de kwalitatieve onderzoeksmethoden doorvertaald naar een online omgeving. Binnen Habbo is een speciale onderzoeksruimte ingericht waar, onder begeleiding van een Qrius medewerker als moderator, onderzoek uitgevoerd kan worden onder een kleine groep Habbo's. Ook kunnen jongeren zich aanmelden op een speciale onderzoekgroep.

Over Qrius
Qrius is een marktonderzoeksbureau dat zich op drie doelgroepen richt: kinderen (van 0-12 jaar), jongeren (van 12-18 jaar) en jonge volwassenen (van 18-29 jaar). We volgen de ontwikkelingen onder deze doelgroepen op de voet, met name in Nederland, maar ook in Europa en daarbuiten. Qrius is momenteel de belangrijkste leverancier van informatie over jonge doelgroepen in Nederland. Door middel van kwantitatief onderzoek en kwantitatief onderzoek proberen wij de beleefwereld van kids en jongeren zo goed en duidelijk mogelijk in kaart te brengen. Een goed voorbeeld daarvan is bijvoorbeeld het tweejaarlijkse Jongenonderzoek. Dit onderzoek is, mede vanwege deze looptijd en de uitvoerige opzet, één van de belangrijkste bronnen van informatie over kinderen en jongeren in Nederland. Qrius bestaat sinds 2001, maar de verschillende personeelsleden doen al onderzoek onder de genoemde doelgroepen sinds het midden van de jaren '80.

Over Habbo
Habbo Nederland is met gemiddeld 950.000 unieke bezoekers per maand de grootste virtuele community in Nederland voor tieners en jonge volwassenen. De magie is gebaseerd op een actieve online community en de mogelijkheid om jezelf te uiten op een creatieve en positieve manier. Tieners betreden het hotel met een eigen karakter - een Habbo. Daarmee kunnen ze op avontuur in het hotel: nieuwe vrienden maken, meedoen aan gratis games en activiteiten, hun eigen kamer aanmaken en inrichten. Daarnaast vinden er regelmatig events plaats met beroemdheden uit het echte leven en organiseert Habbo samen met maatschappelijke organisaties themamiddagen en educatieve activiteiten. Habbo.nl is als joint venture tussen het Finse Sulake Oy en de Telegraaf Tijdschriften Groep, geopend op 11 februari 2004. Wereldwijd heeft Habbo op maandbasis 11,5 miljoen unieke bezoekers (bron: Google Analytics) en meer dan 124 miljoen geregistreerde Habbo's. Habbo richt zich op jongeren tussen de 12 en 18 jaar. Habbo is onderdeel van Telegraaf Media Nederland.

Neem voor meer informatie contact op via mail: Herman@qrius.nl of telefonisch 020-419 7123.

 

„Internet voor kind volstrekt normaal”

Kinderen achter de laptop.

AMSTERDAM - Ouders weten redelijk goed hoe vaak hun kinderen op internet zitten en wat ze er precies doen. Alleen muziek luisteren, spelletjes of muziek downloaden en foto's doen meer kinderen elke dag dan ouders denken.

Dit blijkt uit een woensdag naar buiten gebrachte studie van marktonderzoeksbureau Qrius onder 204 kinderen tussen de 8 en 12 jaar en hun ouders in opdracht van Online, een nieuwe breedbrandprovider die is ontstaan uit Orange, Wanadoo en Euronet Internet.

Volgens director marketing Marcel Schaareman van Online moeten ouders inzien dat het voor kinderen een „way of life" is om online te zijn. „Internet is voor een kind volstrekt normaal en wordt ervaren als iets dat erbij hoort en nooit anders is geweest."

Hoe ouder kinderen zijn, des te vaker maken ze gebruik van een webcam. Een op de drie 11- of 12-jarigen gebruikt wel eens een webcam, tegenover 14 procent van de 8- tot 10-jarigen. Kinderen gebruiken de webcam voornamelijk om met vriendjes of familie te chatten.

Ouders maken vaak afspraken over het internetgebruik, maar het lijkt volgens de opstellers van het rapport vooral bij de 8- tot 10-jarigen of niet alles nog even goed blijft hangen, aangezien ouders bij meerdere dingen vaker aangeven dat ze erover hebben verteld dan volgens de kinderen zelf.

Een op de drie ouders zegt geen idee te hebben of hun kind weleens iets stiekem doet op internet. De helft van de ouders weet zeker dat dit niet zo is. Kinderen die wel eens iets stiekem op internet hebben gedaan, noemen concreet het kijken naar seks, het invullen van prijsvragen en het klikken op reclamebanners.

De controle bij 8- tot 10-jarigen is volgens Qrius groot. „Driekwart van de ouders kijkt minimaal één keer per week mee. Bij de 11- en 12-jarigen ligt dit lager."

Ruim een op de drie ouders maakt gebruik van filters. Zo'n 15 procent van de 8- tot 10-jarigen heeft een eigen pc op zijn kamer, tegen 35 procent van de 11- tot 12-jarigen.
Klik hier!

De helft van de ouders zegt geen behoefte te hebben aan informatie over internetgebruik. Volgens Schaareman moeten ouders beseffen dat het vragen naar internetervaringen van hun kind geen inbreuk doet op de privacy. „Zij moeten het ‘briefgeheim' van hun kind wel bespreekbaar maken en open het gesprek aangaan met hun kroost over hun ervaringen op internet. Alleen dan weten ouders wat zich afspeelt in het online-leven van hun kinderen."

Ouders zien internetten als een activiteit in plaats van een belevingswereld, stelt Schaareman. „Terwijl ouders hun kinderen wel vragen naar de belevenissen op school of op het sportveld, tonen ze nog te weinig interesse voor wat de kinderen meemaken op internet. Een kwart van de ouders heeft geen idee dat hun kroost op internet negatieve ervaringen opdoet. Doordat ze zelf opgroeiden als digibeten, realiseren ouders zich niet dat het online zijn niet uit het leven van hun zoon of dochter valt weg te denken."

 

"Het recept van de ideale oude" 

 

"Kinderen kiezen voor aandacht en tijd van ouders"

Jongerenkrant Kidsweek en onderzoeksbureau Qrius hebben afgelopen maand de resultaten gepresenteerd van een onderzoek over de mening van jongeren over hun ouders. Dit gebeurde tijdens het lustrumcongres van Kidsweek in Congrescentrum Amstelveen.

In totaal zijn 795 jongeren in de leeftijd van 7 tot en 15 jaar ondervraagd. Het onderzoek is uitgevoerd naar aanleiding van het vijfjarig bestaan van Kidsweek. De uitkomsten zijn te lezen in een speciale uitgave, die is bijgesloten bij de jubileumeditie van Kidsweek. In de uitgave staan verder persoonlijke interviews over het gezinsleven van Bart Chabot, Leon de Winter en Jessica Durlacher, Isa Hoes en Antonie Kamerling, Hans Ubbink, Rick Engelkes, Jonnie en Thérèse Boer en Henk Schiffmacher.

Ideale ouders zijn in de ogen van kinderen ouders die aandacht hebben voor hun kinderen. Deze ouders doen leuke dingen met hun kinderen (56%), hebben veel tijd (49%) en praten met hun kind over dingen die het kind belangrijk vindt (48%). Voor jonge kinderen is tijd erg belangrijk, terwijl op latere leeftijd een goed gesprek het belangrijkste is. Een mooie auto, veel zakgeld en verwennerij worden pas als een van de laatste criteria voor de ideale ouder genoemd. De meeste kinderen vinden niet dat hun ouders ze met rust moeten laten en ook hoeven de ouders niet alles goed te vinden wat ze willen.

Maar liefst 79% van de ondervraagde kinderen vindt dat ze een goede relatie met hun ouders hebben. De moeders zijn populairder dan de vaders, vooral omdat ze liever zijn en beter luisteren. Vaders zijn vooral grappiger dan de moeders. Als ze ruzie hebben met hun ouders, dan gaat het vaak over het opruimen van de kamer (62%), het tijdstip dat ze naar bed moeten (47%), internetten (34%) en televisie kijken.

Ruzie maken met de juf of meester over het rapport noemt 33% als de grootst denkbare misser, gevolgd door het meegaan naar schoolreisjes (25%). Vaders verbruien het bij hun kinderen als ze gaan winkelen met de beste vriend(in), seksuele voorlichting geven of met hun kind naar een popconcert gaan, dat ze zelf hebben uitgezocht.

Kidsweek startte vijf jaar geleden, toen Roland Pelle als eerste uitgever een echte nieuwskrant voor jongeren durfde te maken, na het verdwijnen van Primeur. Met succes, want Kidsweek heeft inmiddels een oplage van 40.000 exemplaren en een bereik van 90.000 lezers tussen de 10 en 15 jaar, die wekelijks ruim 100 minuten in de krant lezen. De website trekt maandelijks 120.000 unieke bezoekers. Sinds de oprichting denken de lezers actief mee over de inhoud en koers van de krant, onder andere via de Lezersraad. Kidsweek geeft verder Kidsweek Junior uit, en vanaf mei het tijdsschrift Pauze en de bladen van Scouting Nederland.

Klik hier om het volledige onderzoeksrapport over de ouders van Kidsweek en Qrius te downloaden.


Omvangrijk onderzoek van Qrius en Omroep BNN wijst uit:

Veel overeenkomsten tussen allochtone en autochtone jongeren

Toch ook een aantal belangrijke verschillen

Allochtone jongeren van 15 t/m 25 jaar in Nederland lijken in veel opzichten op autochtone jongeren. Er zijn natuurlijk ook verschillen, maar die bieden onvoldoende grond om allochtone jongeren als aparte bevolkingsgroep te zien. Dit blijkt uit het onderzoek Allochtone Jongeren 2007, dat op 12 februari 2008 wordt gepubliceerd. Het is een onderzoek van het marktonderzoeksbureau Qrius in samenwerking met omroep BNN.

Voor het onderzoek zijn 367 jongeren ondervraagd uit 4 bevolkingsgroepen: Surinaams, Antilliaans, Turks en Marokkaans. Dit onderzoek is een aanvulling op het onderzoek Jongeren 2007, waarvoor een representatieve steekproef van bijna 5.000 kinderen en jongeren in de leeftijd van 0 t/m 29 jaar is ondervraagd. Dit onderzoek is in september 2007 gepresenteerd.

Het is dus onjuist om te suggereren dat we met twee volstrekt verschillende bevolkingsgroepen te maken: allochtoon en autochtoon, zoals veel politici en beleidsmakers doen. Het gaat hier om Nederlandse jongeren, die verschillende achtergronden hebben en in diverse opzichten anders zijn, maar ook veel gemeenschappelijk hebben. Waaronder de wens om met zijn allen in Nederland te leven en daar het beste van te maken.

Overeenkomsten
Overeenkomsten tussen allochtone en autochtone jongeren zien we op tal van terreinen. Beide groepen vinden het bijvoorbeeld belangrijk om onderwijs te volgen en een diploma te halen. Beide groepen maken in grote lijnen gebruik van dezelfde media (allochtone jongeren maken nauwelijks gebruik van media uit het land van herkomst). Ook op het gebied van productgebruik en -bezit lijken de groepen in veel opzichten op elkaar.

Verschillen
Het onderzoek laat, behalve overeenkomsten, ook een aantal duidelijke verschillen zien.

· Veel allochtone jongeren geloven in een god of hogere macht: 75%. Onder ‘gemiddelde' jongeren is maar 39%. Vooral Marokkaanse en Turkse jongeren zijn gelovig.

· Allochtone jongeren gaan anders om met internet. Ze zijn terughoudend bij het verstrekken van persoonlijke informatie en maken minder gebruik van sociale netwerken. YouTube is veel populairder dan bij ‘gemiddelde' jongeren, onder meer vanwege het brede muziekaanbod en omdat de site filmpjes bevat over belangrijke religieuze gebeurtenissen.

·Allochtone jongeren maken minder intensief gebruik van de verschillende media en doen ook minder aan ‘multitasking'.

·Allochtone jongeren hebben hogere inkomsten dan autochtone jongeren, maar ze zijn minder tevreden over hun inkomsten.

·Allochtone jongeren (van 15 t/m 25 jaar) hebben minder binding met ‘oerhollandse' iconen zoals de Donald Duck, de Telegraaf, V&D en Pinkpop. Ze geven (in deze categorieën) de voorkeur aan Elle Girl, de Metro, H&M en Kwakoe.

Slechts 13% van de allochtone jongeren voelt zich niet thuis in Nederland; vooral Turkse (16%) en Marokkaanse (18%) jongeren.

Eén van de grootste onderzoeken onder allochtone jeugd
In het kader van dit onderzoek is de volledige vragenlijst van Jongeren 2007 aan allochtone jongeren voorgelegd. Het onderzoek is daarmee één van de meest omvangrijke die ooit onder allochtone jongeren is uitgevoerd.

 

Klik hier voor het officiële pers bericht.

Wilt u de samenvatting aanvragen of voor meer informatie over het onderzoek:
Herman Berndt
Telefoon 020 - 4197123
Herman@qrius.nl


Projecten
Thema's